De muziek historie van Gert-Paul van der Horst  (1-1-1971 t/m 1-11-2008)

Voor mijn 15e verjaardag in 1971 kreeg ik van mijn ouders een setje nieuwe stalen snaren om
op de oude grote beige jazz gitaar van mijn vader Gerard te zetten. Die imposante gitaar hing
al een aantal jaren als pronkstuk in mijn tienerkamer aan 1 van de met popfoto’s vol behangen muren. Vanaf The Supremes en The Beatles uit het begin van de 60’er jaren was ik al geraakt door de “beat”, maar ik had er afgezien van meezingen met de radio en playbacken op feestjes nooit actief iets mee gedaan. Daar ging vanaf dat moment vooral onder invloed van The Kinks en met de hulp van mijn vader veel verandering in komen.
Toen ik twee accoorden (G en A) nauwelijks onder de knie had, schreef ik mijn eerste liedje,
the Watersong, over mijn afkeer tegen (koud) water en zwembaden. Na een paar maanden
kon ik met veel pijn en moeite (geen natuurtalent!) zo’n 10 accoorden redelijk spelen. Het
eigen repertoire was uitgebreid tot wel 6 nummers en het eerste eigen bandje (He, me and you) met twee schoolvrienden (John en Mink) was een feit. Het allereerste optreden tijdens een zeilweek met school in Heeg, Friesland was een succes met onder andere de eerste echte Gert-Paul klassieker Si-Sa-Sailing.
Na de zomervakantie van 1971 kwam mijn broer Henk-Jan met slagwerk de band versterken en
werd de naam gewijzigd in eerst Moods Are Changing en later The Garret. Van een folk-achtig trio gingen we naar een echt popbandje. We bleven eigen nummers schrijven en spelen in de traditie van Ray Davies en Lennon & McCartney. Dat deden we vooral voor onze eigen lol op mijn regelmatig tot oefenruimte omgebouwde kamer aan de Westerweg 371 in Heiloo of op de zolder (The Garret)daarboven. Naast een muzikale vader had ik gelukkig een moeder, die veel goed vond en mogelijk maakte.
De middelbare school liep af, ieder ging z’n eigen weg en het bandje viel uit elkaar. Ik bleef voor mezelf wel heel veel nummers schrijven, waar ik een aantal jaren later tijdens de punk/new wave periode van eind 70’er/begin 80’er jaren het nodige voordeel van had. In die “studentenjaren” in Amsterdam beleefde ik de hoogtepunten met al de zelfgeschreven nummers. Met onze new wave band Tomfoolery, waarin naast broer Henk-Jan de muzikanten GeeJee (Achterhoek), Ruud (Zuid Limburg) en Arthur (Amsterdam-W) en zangeressen Beeke (Doetinchem) en Suzan (Maastricht) zaten, kwamen we zelfs in Paradiso, de Melkweg en VARA’s Popkrant terecht. Echter de feesten in de studentenflats van Amsterdam-Noord waren de echte toppers met al die leeftijdgenoten uit
het hele land, die uit hun bol gingen op zelfgeschreven muziek van een hobbybandje.
Na wat uitstapjes als bassist naar een hip Amsterdams new wave bandje (The Cylinders) en een stoere Amsterdamse Nederpopband (Dorpsstraat/De Munck) ben ik toch weer teruggekeerd naar
mijn eigen ding en heb ik vanaf midden jaren 80 tot op heden allerlei projecten met eigen muziek gedaan van rock met Skyline (3 CD’s in eigen beheer) tot kinderliedjes met de Blommenkinders en de Ypetypes (1 CD). En van jeugdmusical De IJsprinses (Videofilm) tot stevig werk met The Impact (1 CD-tje). Tussendoor ook wat met de onvermijdelijke covermuziek gedaan via het op-
richten van de sixties band The Porcupines, het formeren en in stand houden van Die Band voor Dat Koor en het drie jaar meespelen met The Change.
Vanaf begin 2006 ben ik al mijn eigen nummers overzichtelijk in kaart aan het brengen. Dat gaat
met de computers van nu veel beter dan vroeger in 70’er en 80’er jaren. Dit inventariseren leidde in eerste instantie tot wat arrangeren en wat herschrijven, alsmede een poging om met Die Band er wat mee te doen. Het is tot nieuwe nummers schrijven gekomen en tot het formeren van onze nieuwe band The SeaSide Stringers met mijn oude bekenden Tom (Skyline, Blommenkinders, Ypetypes, The Impact, Die Band), Fletcher (Blommenkinders, Ypetypes, The Impact, Die Band, GP & Fletch) en Erwin (Die Band en The Impact)
.